European Media Partner
Maud Graff GEZONDHEID

Samen kijken naar wat nog kan voor een betekenisvol leven

Het doel van ergotherapie is om bij te dragen aan het kunnen leiden van een betekenisvol leven en het richt zich daarbij op het vergroten van de eigen regie, zelfredzaamheid en participatie in de dagelijkse activiteiten en maatschappelijke situaties van de cliënt. Niet de ziekte of aandoening of de beperkingen maar de mogelijkheden tot dagelijks en maatschappelijk functioneren van een cliënt staan centraal, het gaat erom wat kan iemand nog wel met of zonder ondersteuning. Is er hulp nodig bij de uitvoering van dagelijkse activiteiten, het werk of de vrije tijd en op basis daarvan kan er ergotherapie worden ingeschakeld. Daarvoor is geen verwijzing van een arts nodig, maar kan er direct contact worden gezocht met een ergotherapeut.

“In een aantal gevallen is een ergotherapeut met een bepaalde specifieke ervaring of specialisatie gewenst”, vertelt Maud Graff, professor ergotherapie aan de Radboud Universiteit. “Iemand met dementie die nog thuis woont heeft vaak te maken met cognitieve problemen die leiden tot een verminderd dagelijks en sociaal functioneren. Een ergotherapeut die gespecialiseerd is in dementie en/of neurologische problematiek kan dan samen met de cliënt en de mantelzorger kijken naar wat voor beiden van belang en mogelijk is. Door in gesprek te gaan en samen haalbare doelen op te stellen, ook ten aanzien van de mantelzorger die vaak overbelast is, kan het doel van ergotherapie, het kunnen leiden van een betekenisvol leven, worden bereikt. Dit is echter wel een complex samenspel, maar door goed te kijken wat nog wel kan en daarbij de cliënt te ondersteunen in zijn mogelijkheden, routines en strategieën, met wat daarvoor nodig is vanuit de omgeving, kan men al een heel eind komen.”


Niet kijken naar wat er niet meer kan, maar wat er nog wel kan. “Mensen die hulp nodig hebben, hebben in sommige gevallen al hulp van een mantelzorger. Maar mantelzorgers zitten vaak in een bepaalde denkstrategie, aanpak of benadering en hen ook door de bril van de ergotherapeut mee laten kijken kan leiden tot nieuwe inzichten. Iemand die niet meer reageert op gesproken opdrachten is beter geholpen door bepaalde aanwijzingen of voorwerpen in de omgeving klaar te zetten, dan door toch elke keer de opdrachten te herhalen.”


Deze vorm van zelfmanagement training voor de cliënt en/of mantelzorger is gericht op probleemoplossing, gaat Graff verder. “Door hen te begeleiden en samen te kijken naar wat nog wel kan focus je op de oplossing. Bovendien wordt er gemiddeld maar tien uur aan ergotherapie voor zowel cliënt als mantelzorger vergoed, dus de training is echt bedoeld om ervoor te zorgen dat de mantelzorger goed leert kijken, zelf leert problemen op te lossen en weet wat hij of zij moet doen en daarmee kan helpen met het ondersteunen van de vaardigheden en strategieën van de cliënt. Hierbij leert de mantelzorger ook uit te gaan van de eigen mogelijkheden en balans in zijn dagelijks leven. Met het resultaat dat hiermee de kwaliteit van leven van beide personen, cliënt en mantelzorger, toeneemt.”


Door de gevonden oplossingen is het in een aantal gevallen niet meer nodig om alles samen te doen, waardoor de mantelzorger minder belast wordt, besluit Graff. “De ergotherapeut werkt altijd samen met andere betrokken zorg- of welzijn disciplines, niet alleen met een eventuele mantelzorger. Maar ook met de fysiotherapeut, logopedist, casemanager, thuiszorg en diëtist en het sociale netwerk van de cliënt om zo de zorg in kaart te brengen en af te stemmen, oplossingen te bedenken en een betekenisvol leven voor de cliënt te creëren.” 

Delen

Journalist

Féline van der Linde

Related articles