European Media Partner
Bernedine Bos en Marjoleine Motz FINANCE

Op naar een circulaire economie

Er zijn maar weinig landen die zowel in relatieve als absolute zin zoveel exporteren en importeren als Nederland. Om de negatieve effecten van internationale handel op mens en milieu te beperken en misschien zelfs wel meerwaarde te creëren op deze vlakken, is het nodig om de internationale handel te verduurzamen.

Er zal een grote stroming komen van lokaal geproduceerde, hergebruikte goederen, waardoor de handel met landen buiten Europa zal afnemen.

Er is geen eenduidige definitie over wat duurzaam handelen precies is. Bernedine Bos, Programmamanager Internationaal Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen bij MVO Nederland:  “Bij duurzame handel gaat het niet alleen over de effecten op het milieu. Ook moet er worden gedacht aan de effecten op sociale aspecten, zoals mensen, natuur en economie, oftewel people-planet-profit.” Wél zijn er de internationaal opgestelde OESO-richtlijnen, die duidelijk maken wat er op het vlak van maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) van internationaal opererende bedrijven wordt verwacht.


Maatschappelijk verantwoord ondernemen en duurzame handel gaan hand in hand en worden steeds belangrijker voor zowel bedrijven als de consument. Bos: “Bedrijven worden zich steeds meer bewust van de problematiek rondom handel en stellen zich vaker als doel om deze problemen op te lossen. Een belangrijke ontwikkeling vanuit MVO-perspectief is dat bedrijven er ook niet vies van zijn om er geld aan te verdienen en MVO inzetten om een goed verhaal te creëren rondom hun product of dienst.” Ook Marjoleine Motz, Business Consultant Value Chain Development & CSR bij Fair & Sustainable Consulting, ziet een verandering in de gedachtegang van bedrijven: “Neem bijvoorbeeld het thema ‘leefbaar loon’. Vroeger vonden bedrijven dat te ingewikkeld en wilden zij daar niets van hebben, terwijl het nu een belangrijk, actueel thema is.”  


Waarom bedrijven juist nu hoog inzetten op MVO en duurzame handel, kent geen eenduidig antwoord. “Bedrijven willen steeds vaker iets betekenen voor de maatschappij, zodat zij trots kunnen zijn op hun organisatie. Ook zijn we in Nederland innovatief op technologisch en sociaal gebied en hebben we de kennis om ergens anders het verschil te maken. Dit zien bedrijven als een extra uitdaging”, verklaart Bos. Motz denkt dat de toename in duurzaamheidsprogramma’s ook een reden kan zijn voor bedrijven om zich meer te richten op duurzame handel. “Er ontstaan steeds meer publiek-private partnerships die de duurzaamheid van een bepaalde regio of sector op willen vijzelen. Dit maakt het aantrekkelijk voor bedrijven om in duurzame handel te investeren, omdat zij nu verbeteringen in hun handelsketen kunnen aanbrengen met behulp van extern geld”, aldus Motz. 


Dat er steeds meer stappen worden gezet om de internationale handel te verduurzamen is een feit. Volgens Motz is de volgende stap er één in de richting van de circulaire economie: “Het is een logische stap om niet meer alleen naar verbeteringen binnen de productie en verkoop te kijken, maar om ook aandacht te besteden aan wat we overhouden.” Het hergebruiken van materialen en verminderen van grondstofgebruik zal volgens Bos een grote impact hebben op de internationale handel. “Bedrijven zullen minder gaan produceren in lagelonenlanden en zullen meer investeren in hergebruik en circulair design. Er zal een grote stroming komen van lokaal geproduceerde, hergebruikte goederen, waardoor de handel met landen buiten Europa zal afnemen.”

Feit

In 2016 heeft het tweede kabinet-Rutte het programma ‘Nederland circulair in 2050’ naar de Tweede Kamer gestuurd. De doelstelling is dat Nederland in 2050 helemaal circulair zal zijn door zoveel mogelijk duurzaam gewonnen, hernieuwbare en algemeen beschikbare grondstoffen te gebruiken. De tussendoelstelling is dat er voor 2030 al 50 procent minder gebruik zal worden gemaakt van primaire abiotische grondstoffen (mineraal, fossiel en metalen).

Delen

Journalist

Mandy Kraakman

Related articles