European Media Partner

Hybride werken is here to stay

Hybride werken doen we eigenlijk al een tijdje, maar door de COVID-19 crisis werd volledig thuiswerken van de ene op de andere dag de nieuwe realiteit voor bijna alle bedrijven in ons land. Maatschappelijk is het nu not done om niet na te denken over mogelijkheden om thuis te werken.

In eerste instantie zagen veel mensen de thuiswerksituatie als positief. “Men was vanuit huis productiever, ze hadden meer invloed op eigen invulling, geen reistijd en werden vaak minder afgeleid, tenzij het hele gezin er ook was”, vertelt Hans Bloemen, ervaringsdeskundige op het gebied van transities naar nieuwe werkomgevingen. “Toch bleek later dat de fysieke ontmoetingen, even buurten en korte afstemming, werden gemist. Het is lastig om vanuit een ‘klassiek’ patroon ineens geheel om te schakelen. De videocommunicatie tools zoals Zoom, Facetime of Teams vervangen niet volledig de fysieke communicatie en afstemming. Deze is ook een essentieel onderdeel van het werkproces en het gezamenlijk ontwikkelen van nieuwe ideeën. Toch is de trend ingezet. Mensen willen voor een deel activiteit gerelateerde zaken op hybride plaatsen uitvoeren. Daarnaast vraagt de huidige situatie om aanpassingen aan kantoren. Denk aan logistieke routes, aanpassingen van ruimten rondom de werkplek en niet te vergeten aanpassingen aan service omgevingen zoals het restaurant, de receptie, de wachtruimte, het sanitair etcetera. Dit heeft nogal wat gevolgen voor bestaande servicecontracten met providers, verhuurders en inrichters. Partijen zullen met elkaar om de tafel moeten omdat het gebruik kwalitatief en kwantitatief verandert. Een verandering die op lange termijn ook gevolgen heeft voor condities en flexibiliteit in nieuwe contractvormen.”


Nu de rust ietwat is wedergekeerd en men gewend is geraakt aan het thuiswerken, komen nieuwe discussies op gang. “Hoe gaan we om met de kosten en voorzieningen in thuissituaties? Welke elementen van de ‘aan te passen’ ARBO-richtlijnen zien we terugkomen. Dit zal tevens afhankelijk zijn van het gebruik (tijd en intensiteit) van de thuiswerkplek. Kunnen we, naast fysieke meubeleisen, mensen thuis coachen om lichamelijk gezonde oefeningen af te wisselen met ‘kantoorhoudingen’. Soms is een relatief goedkopere zitbal voor thuis of een softwarematige sturing op de PC al een voorbeeld waardoor je sturing geeft aan gezondheid op of rond de (thuis)werkplek.”


Ook zal er meer gevraagd worden van de ICT-systemen. “Hybride werken vraagt versneld om een aantal hard- en software aanpassingen”, vertelt Bloemen. “Zoals beschikbaarheid van beeldschermen, informatieveiligheid, ontsluiting van noodzakelijke data en stabiliteit in de te gebruiken videocommunicatie, inclusief gebruikersafspraken.”


Het belangrijkste is volgens Bloemen dat er een goede visie over hybride werken opgesteld wordt. “Hoe ga je bijvoorbeeld om met nieuwe medewerkers die gecoacht moeten worden? Hoe breng je starters de juiste organisatiecultuur bij? Maar ook: hoe gaat het management om met ‘sturing op afstand’? De nieuwe situatie is met name een management vraagstuk waarbij verantwoordelijkheidsverdeling, cultuur vormgeven en sturing in een mix van contactvormen, fysiek op locatie of per conference call, van belang zijn.”


Momenteel is gebruik van fysieke gebouwen, services en interne logistiek door de coronasituatie al heel anders en dit is naar verwachting voor een groot deel een blijvende verandering, aldus Bloemen. “Slimme software voor de aansturing van beschikbaarheid, gebruik en onderhoud kan hieraan bijdragen. Dit zal efficiency verhogen en waste voorkomen. De transitie naar de toekomst is een management vraagstuk waarbij behoud van organisatie identiteit, de menselijke maat, de techniek en gebruikersverwachtingen centraal zullen staan.”

Delen

Journalist

Marjon Kruize

Related articles