European Media Partner
Ing. Teun de Jong, voorzitter NAV MILIEU

Grote kansen voor de akkerbouw

De Nederlandse akkerbouw is een moderne en zeer efficiënte manier van voedsel produceren. Per kilogram geoogst product is de footprint, zowel wat betreft klimaat als wat betreft milieu, minimaal door de hoge opbrengsten. Nederlandse akkerbouwers zijn over het algemeen hoogopgeleid en geïnteresseerd in vernieuwing. Men vindt helaas wel een aantal belemmeringen op de weg, die moeten worden opgeheven voordat echte vernieuwing en verduurzaming kan plaatsvinden

De akkerbouw kan aan de opgave in het Klimaatakkoord voldoen door minder intensieve grondbewerking en door de teelt van vanggewassen en van eiwitgewassen. Door minder ploegen en meer niet-kerende of andere vormen van ondiepe grondbewerking wordt meer CO2 opgeslagen in de bodem in de vorm van organische stof. Voordeel is tevens dat de nuttige microorganismen in de bovenste laag behouden blijven, waardoor op termijn waarschijnlijk een grotere plantweerbaarheid ontstaat tegen ziekten. Ook de teelt van vanggewassen, gewassen die na de hoofdteelt worden gezaaid om de akker groen te houden en die bijdragen aan de bodemvruchtbaarheid, verhogen het organische stofgehalte van de bodem. Wel is het zo dat ook onkruiden niet meer worden ondergeploegd. Met de zachte winters van de afgelopen jaren levert dit problemen op in het volgende jaar. Dit is één van de redenen dat akkerbouwers pleiten voor het behoud van goede onkruidbestrijdingsmiddelen. Anders zien zij zich toch gedwongen om te ploegen om van het onkruid af te komen. Mechanische onkruidbestrijding geeft weer meer uitstoot door dieselgebruik.

De teelt van plantaardig eiwitgewassen zoals erwten, veldbonen, soja en lupine is gewenst uit oogpunt van het klimaatakkoord, omdat bij de teelt van deze gewassen de broeikasgasemissie al gauw negatief is, dus binding in plaats van uitstoot. Helaas is het niet mogelijk om deze gewassen in Nederland voor kostprijsdekkende prijzen te telen. Dit komt door de vrijhandelsverdragen waarbij deze producten zonder importheffingen worden geïmporteerd, met name uit Noord- en Zuid-Amerika. Sinds het Blair House akkoord in 1992 is de teelt van deze gewassen daardoor praktisch verdwenen uit Nederland.

Natuurlijk zijn er oplossingen voor alle belemmeringen. Wat wij het belangrijkst vinden is een langdurig, integraal beleid, gesteund door markt- en prijsbeleid, in plaats van het huidige one-issue management. Onderaan de streep moet de meest duurzame teelt worden gerealiseerd. Daarvoor kan het nodig zijn om gewasbeschermingsmiddelen te behouden, zoals de zaadcoating van suikerbieten, omdat de totale milieubelasting en het effect op de biodiversiteit daarmee kleiner is dan met het alternatief. Wat essentieel is voor verdere verduurzaming is het toelaten van moderne veredelingstechnieken in de EU en kortere toelatingsprocedures voor ‘groene’ gewasbeschermingsmiddelen.

Tenslotte: geen enkele economische activiteit is geheel emissieloos, dus ook de akkerbouw niet. Maar dit geldt ook voor importvoedsel als rijst en pasta's. Door verduurzaming kunnen emissies verder worden teruggedrongen, mits zowel het beleid als de markt bereid zijn hieraan mee te werken.


Delen

Journalist

Ing. Teun de Jong, voorzitter NAV

Related articles