European Media Partner
Waterschappen halen de meststof struviet uit rioolwater. Op de foto het ’fosfaatje’ van Waterschap Amstel, Gooi en Vecht. ADVERTENTIE

Gezamenlijk het tij keren naar een circulaire economie

Om de gevolgen van klimaatverandering te verminderen worden er vanuit de overheid en het bedrijfsleven stappen gezet richting een circulaire economie. De waterschappen willen die transitie versnellen. 

“Je ziet dat wij als waterschappen de overheid zijn die het meeste geconfronteerd worden met de gevolgen van klimaatverandering”, stelt Sander Mager, bestuurslid van de Unie van Waterschappen. “Wij willen daarom ook de overheid zijn die bijdraagt aan het tegengaan van klimaatverandering. Dus zetten we niet alleen in op klimaatadaptatie, maar dragen we ook heel actief bij aan de transitie naar een circulaire economie waarin we afval voorkomen, grondstoffen hergebruiken en minder CO2 produceren. Daarvoor ontwikkelen we nu een strategie, inclusief tastbare business cases, om dit te versnellen.”


Sander Mager, bestuurslid van de Unie van Waterschappen


De Unie van Waterschappen heeft daarom ook het Grondstoffen-akkoord ondertekend. “In 2050 willen we volledig circulair zijn”, stelt Mager. “En in 2030 willen we slechts de helft van de primaire grondstoffen, met name die schaars of milieubelastend zijn, gebruiken die we nu gebruiken. Dat begint bij onze projecten en onze inkoop. Veel van de assets die wij als waterschappen gebruiken worden gebouwd met een levensduur van 30 jaar. Als we in 2050 volledig circulair willen zijn, moeten we dus nu al circulair gaan uitvragen, aanbesteden, ontwerpen en bouwen. We zoeken daarom als opdrachtgever heel gericht naar mogelijkheden om circulariteit leidend te laten zijn. Waar zien we stoffen die we nu als afval zien, maar die eigenlijk eindeloos hergebruikt kunnen worden? En hoe kunnen we onze processen en assets daar op aanpassen?”


De waterschappen produceren ook zelf steeds meer grondstoffen, zoals fosfaat, cellulose en kaumera, vertelt Mager. “We winnen steeds meer fosfaat terug uit rioolwater, wat we vervolgens weer kunnen gebruiken in de landbouw en de industrie. Ook kaumera is zeer interessant. Dit is een stof die bijvoorbeeld gebruikt kan worden om beton sterker en duurzamer te maken. Een aantal bedrijven is daar nu mee bezig, en we hebben meer van dit soort innovatieve bedrijven nodig om samen tot meer circulaire oplossingen te komen.”


Maar er is meer dan alleen de rioolwaterstroom. “Ook uit bagger zijn nieuwe circulaire producten te maken. Maar ook het maaisel dat vrijkomt bij het reguliere onderhoud van dijken en bermen kan ingezet worden voor biobased materialen en producten. En denk ook aan assets die aan het einde van hun levensduur zitten. Hoe kunnen we materialen die daaruit vrijkomen zoveel mogelijk hergebruiken? Daar moeten we als waterschappen afspraken over maken met aannemers, installateurs en slopers.”


Het sleutelwoord voor al deze circulaire innovatie is samenwerking. “De waterschappen zijn een interessante launching customer”, vertelt Mager. “Het is nu zaak dat we op zoek gaan naar mensen en bedrijven met innovatieve oplossingen die ons kunnen helpen om tot krachtige business cases te komen. Daarom hebben we ook contact met partijen als MVO Nederland en Aquaminerals en worden er regionale platforms opgezet waar vragers en aanbieders van circulaire producten en diensten elkaar ontmoeten. Daarin willen we als waterschappen ook investeren. Er zijn nog vele uitdagingen, want ons huidige systeem is nog grotendeels gebaseerd op de lineaire economie, maar met de juiste investeringen, ideeën en samenwerking zijn we het tij gezamenlijk aan het keren.”


www.uvw.nl



Delen

Journalist

Related articles