European Media Partner

Excessen op de woningmarkt zijn niet de schuld van ‘de belegger’

Door de vele woonprotesten zijn we de afgelopen jaren meer dan eens bewust geworden van de enorme schaarste op de woningmarkt. Op veel van de protestbordjes zagen we directe aanvallen op investeerders en beleggers in vastgoed. Maar is dat eigenlijk wel terecht?

Op dit moment is er sprake van een enorme schaarste op de woningmarkt. Door de groei van de bevolking, gezinsverdunning en migratie is er een tekort van zo’n 400.000 woningen ontstaan. “Ten aanzien van sociale huurwoningen en koopwoningen, maar ook de middenhuur”, vertelt Elisa Bontrop, Senior Beleidsadviseur Woningmarkt en Zorgvastgoed bij IVBN. “Juist een solide en gezond midden- en vrije huursegment is essentieel om de brug te slaan tussen sociale en andere gereguleerde huurwoningen enerzijds en koopwoningen anderzijds. Voor de mensen die willen doorstromen vanuit een sociale huurwoning, voor ouderen die een grote koopwoning willen verruilen voor een huurappartement of voor de mensen die (nog) geen woning willen of kunnen kopen, is er op dit moment veel te weinig aanbod.”


Vaak wordt hierbij met de vinger gewezen naar ‘de belegger’, die woningen enkel voor hun eigen gewin op zouden kopen. Echter, er zijn juist ook beleggers die de bouw van nieuwe huurwoningen realiseren, de zogenaamde ‘build-to-rent belegger’. “In de afgelopen decennia hebben institutionele beleggers fors meer nieuwbouwwoningen bijgebouwd”, stelt Bontrop. “Sinds institutionele beleggers in de jaren 60 van de vorige eeuw zijn gaan investeren in de Nederlandse woningmarkt hebben zij meer dan een half miljoen woningen gerealiseerd. Institutionele beleggers hebben pensioenfondsen en levensverzekeraars als achterban. Die hebben kapitaalkracht en zijn op zoek naar lange termijn investeringen met een stabiel rendement én maatschappelijke impact.” Een uniek mechanisme omdat al dit rendement ten goede komt aan elke Nederlander. Direct, in de vorm van pensioen- en verzekeringsuitkeringen. En indirect, doordat steden leefbaar, inclusief en bereikbaar worden voor iederéén. 


Maar hoe kan het dan toch dat de beleggers zo’n slecht imago hebben. “Verstorend zijn de malafide verhuurpraktijken waar sommige particuliere verhuurders zichhelaas schuldig aan maken en waarop de gehele marktsector vervolgens  wordt aangekeken”, vertelt Bontrop. “We zien dat er in het politieke debat en de journalistieke berichtgeving niet of nauwelijks onderscheid wordt gemaakt tussen marktpartijen die er puur zijn voor hun eigen gewin ten koste van hun huurders en marktpartijen die een maatschappelijke bijdrage willen leveren en dat ook al jarenlang doen, zoals de institutionele beleggers. Sterker nog, bonafide marktpartijen staan zij aan zij met de overheid om slechte verhuurders aan te pakken en van de woningmarkt te weren. Maar dat moet wel gericht gedaan worden zodat de er maximaal ingezet kan worden op bijbouwen en verduurzamen, in goede samenwerking met gemeenten en het Rijk. Hiervoor zijn alle langjarige investeringen in de woningmarkt keihard nodig.”


De komende vijftien jaar zijn er meer dan een miljoen woningen nodig om aan de alsmaar groeiende vraag te voldoen, gaat Bontrop verder. “Om gezamenlijk iets te kunnen doen aan de enorme woningschaarste, de oplopende huurprijzen én woonlasten, moeten politici er dus voor zorgen dat betrouwbare en maatschappelijk betrokken (niet-) marktpartijen hun onmisbare werk kunnen blijven doen. Ten aanzien van nieuwbouw door institutionele en andere professionele beleggers in het middenhuursegment- ook specifiek voor ouderen- en door woningcorporaties in het sociale huursegment. Ten aanzien van transformatie van leegstaande kantoor- en winkelpanden door gespecialiseerde marktpartijen. Ten aanzien van Goed Verhuurderschap, het verduurzamen en het up-to-date houden van bestaande huurwoningen. Van alle (markt)partijen die op de woningmarkt actief willen zijn, moet een maatschappelijke bijdrage worden gevraagd.”


 “Vanuit brancheorganisatie IVBN denken we constructief mee met het Rijk en gemeenten. Dat heeft in 2019 geresulteerd in een integraal IVBN-Middenhuurakkoord en in 2021 heeft IVBN zich gecommitteerd aan de Actieagenda Wonen. In dit samenwerkingsverband van 34 partijen is een integraal aanbod gedaan aan het nieuwe kabinet om in de komende 10 jaar 1 miljoen woningen bij te bouwen. De afgelopen jaren namen institutionele build-to-rent beleggers zelfs 10% van de totale jaarlijkse nieuwbouwproductie voor hun rekening en op dit moment is er voldoende kapitaal beschikbaar om dit percentage zelfs te verdubbelen. Belangrijke voorwaarden voor marktpartijen zijn dat gemeenten grondprijzen daadwerkelijk residueel berekenen en dat de aanvangshuurprijzen marktconform te bepalen blijven. Eerder deden we al het voorstel om de jaarlijkse reguliere huurstijging voor zittende huurders te beperken zolang de huurder in de woning blijft. Na een bewonerswissel zou dan wel de huur weer aangepast moeten kunnen worden naar een markthuur. Wij zien de oplossing tegen excessen in een werkbare vorm van zelfregulering die dan in de hele vrije sector moet gelden. Dat betekent dat de jaarlijkse huurverhogingen worden gemaximeerd, maar dat er wel marktconformiteit mogelijk blijft en dat ook niet-professionele verhuurders transparant moeten zijn over de prijs-kwaliteitverhoudingen van hun huurwoningen in verhuuradvertenties. Institutionele woning- en zorgvastgoedbeleggers en andere bonafide (markt)partijen moeten hun maatschappelijke bijdrage kunnen blijven leveren voor een gezonde woningmarkt in Nederland.”

Delen

Journalist

Marjon Kruize

Related articles