European Media Partner

Duurzame scheepvaart zit in stroomversnelling

Innovatieve scheepscoatings hebben een overtuigende rol bij het verduurzamen van de maritieme sector.

De internationale scheepvaartindustrie zit momenteel in een veranderingsproces, waarbij aandacht voor duurzaamheid steeds meer aan belang wint. In de bouwfase speelt bijvoorbeeld de rompvorm een rol, terwijl na de oplevering en in de onderhoudsfase er aanvullende innovatieve technologieën zijn te kiezen. Vooral innovatieve verfcoatings zijn daarbij van betekenis. “Wanneer het schip in de vaart is genomen, is de coating voor het onderwaterschip de nummer 1-component die een rol speelt bij de verduurzaming”, stelt Wouter ten Haaf, die als coatingdeskundige gespecialiseerd is in deze materie.


Kern van dit vraagstuk is dat een innovatieve coating op de romp van het schip de aangroei van zeefauna significant verminderd. Zeker als het schip stilligt of op lage snelheid vaart, bestaat er grote kans dat schelpjes, mosselen en ander zeemilieu zich vasthechten aan het vaartuig. Deze fouling van het onderwaterschip heeft een duidelijke negatieve invloed op de weerstand waarmee het schip door het water glijdt. Hoe gladder de romp immers, hoe minder weerstand. 


Om dat proces te optimaliseren, wordt voorafgaand aan een onderhoudsbeurt naar verschillende aspecten gekeken. Daarbij spelen vaarsnelheid een rol, het vaargebied, maar ook verschillende operationele activiteiten. Fabrikant AkzoNobel anticipeert daarop met een scala aan verschillende technologieën die scheepseigenaren helpen bij het verduurzamen van hun schip. Onder de naam People.Planet.Paint. streeft de fabrikant ernaar om iedere nieuwe coating die op de markt komt, duurzamer te laten zijn dan bestaande producten.


Voorbeeld daarvan is een biocidevrije coating die aanzienlijk de weerstand van het schip vermindert. Dit product is inmiddels duizenden keren op scheepsrompen aangebracht en heeft in zijn totaliteit een besparing opgeleverd van ongeveer 4,5 miljard dollar aan brandstof en meer dan 43 miljoen ton CO2. “Aangezien een gladde romp een gigantische besparing oplevert wat betreft het verstoken van bunkerolie is de investering in een innovatieve coating veelal na een of twee jaar terugverdiend.”, aldus Ten Haaf.


Bovendien speelt er op de achtergrond nog een ander aandachtspunt. Grote zeeschepen die de wereld doorkruizen, komen in noordelijke, maar ook in zuidelijke gebieden. “Het zeeleven kan per regio fors verschillen. In de noordelijke ijszeeën bestaat er een totaal ander maritiem leven dan in tropische regio’s. Als zeefauna en organismen door een vaarbeweging naar een andere regio worden meegenomen, kan dat een impact krijgen op het plaatselijke milieu. Bepaalde zeehavens, waaronder die in Californië en Nieuw-Zeeland, zijn inmiddels zo ver dat ze schepen met fouling kunnen weren. Door het aanbrengen van een goede coating die gedurende de vaartijd effectief de aangroei vermindert, loopt het schip daartoe dus geen risico.”


Nu is dat vraagstuk dus vooral mondiaal van invloed, terwijl het aangroeien van fouling net zo goed een regionaal karakter heeft. Ook voor rondvaartboten in Amsterdam bijvoorbeeld geldt dat aangehechte fauna een negatieve impact heeft op de duurzaamheid van vaartuigen. De keuze voor de meest geschikte coating heeft bovendien van doen met de regio waar het vraagstuk zich afspeelt. Zo heeft de autoferry die tussen Zweden en Denemarken in relatief koud water vaart een andere coating nodig dan een vaartuig in warmere streken.


Verder wordt er veel aandacht besteed aan het monitoren van de performance van schepen en coatings middels verschillende big data-tools. Daarmee kunnen er voorspellingen gemaakt worden voor de te verwachten kosten omtrent coating en brandstof. 


Duurzaamheid, tot slot, heeft niet alleen van doen met de gladheid van de romp, maar uiteraard ook met het productieproces van de coatings zelf. AkzoNobel  streeft ernaar om enkele jaren voor te lopen op de regelgeving uit Brussel en het gebruik van biocides tot een absoluut minimum te beperken of zelfs geheel uit te sluiten.  In 2030 moet dat zijn gelukt. 

Delen

Journalist

Hugo Schrameyer

Related articles