European Media Partner

De digitale maakindustrie

Het einde van het tweede Corona jaar komt in zicht. Onze maatschappij blijkt weerbaar, maar de vrees dat het virus bij ons zal blijven wordt langzaamaan bewaarheid. De gevolgen daarvan weten we nog niet. Samen met die andere grote crisis, die van het klimaat, veroorzaakt de Covid pandemie een grote transitie van onze maatschappij.

We hebben leren thuiswerken en onderwijs geven via internet. Tegelijkertijd is er een flink tekort aan computerchips en materialen. We realiseren ons daardoor ook dat we lokaal willen produceren om minder afhankelijk te zijn van de international handel in tijden van een pandemie. Bovendien dwingt het klimaatprobleem ons om ook de wereldwijde logistiek te herbezien: die wordt in ieder geval fors duurder op termijn. Daar komt de geopolitieke spanning nog bovenop, alsmede het langzaam verdwijnen van de fossiele industrie. De conclusie is vanuit al deze gezichtspunten scherp en duidelijk: we moeten in Nederland en in Europa onze maakindustrie sterk gaan uitbreiden en meer lokaal gaan produceren, tegen acceptabele kosten. We gaan onze eigen chipfabrieken weer bouwen en onze maakindustrie kan verder groeien, onder andere vanwege alle nieuwe mogelijkheden rondom de energietransitie.


Het goede nieuws is dat Nederland al lang een zeer grote en belangrijke maakindustrie heeft, hoewel het niet altjd de politieke aandacht heeft gekregen die het verdient. We lopen in de wereld ver voorop met precisiemachinebouw, onder andere is onze parel ASML, qua marktwaarde nu al het grootste bedrijf van Nederland en in een paar jaar het grootste bedrijf van Europa. Maar we maken ook de beste electronenmicroscopen ter wereld, zijn vooraanstaand in nieuwe bedrijven rondom fotonica en quantumtechnologie en hebben een wereldbekende medtech en agrotech industrie.


Bovendien is onze toeleveranciersketen omvangrijk en telt deze vele internationale industriële klanten. De toekomst van onze maakindustrie is om met behulp van data en kunstmatige intelligentie het hardware stuk uit te breiden, en daarmee de slag naar de volgende industriële revolutie te maken.


Hierbij is de optimalisatie van een enkel werkstation slechts een klein facet. Veel belangrijker is het systeemdenken, waarbij data wordt gebruikt om een complete fabriek sneller en effectiever te laten werken. Daarbij wordt informatie van het ene werkstation gebruikt bij andere processtappen stroomop- en afwaarts het productieproces. Hierbij kan het gebruik van robots, en in bepaalde gevallen ook 3D printing, deze automatisering en flexibilisering verder ondersteunen. Het gevolg is dat we onze beperkte groep aan vakmensen in de techniek zo effectief mogelijk kunnen inzetten, en lokaal kunnen produceren tegen concurrerende kosten. De maakindustrie in Nederland gaat een grote bloeiperiode tegemoet, en we kunnen daar allemaal trots op zijn. Wat mij betreft kunnen we het komende jaar met vertrouwen tegemoet zien!

Delen

Journalist

Related articles