Weekly News

Het poldermodel is niet dood

Er wordt wel eens gesuggereerd dat het poldermodel niet meer werkt in Nederland. Niets is minder waar: de brexit laat juist zien dat ‘polderen’ springlevend is. Logistieke ketenpartijen werken intensief samen met overheden en inspecties om de gevolgen van de brexit voor het Nederlandse bedrijfsleven zo veel mogelijk te beperken. Dit zorgt voor de best mogelijke voorbereiding op het uittreden van het Verenigd Koninkrijk (VK) uit de Europese Unie (EU). 

Voor handels- en productiebedrijven geldt immers dat het VK één van de belangrijkste handelspartners is. De handel met het VK leverde Nederland in 2017 nog 22,7 miljard euro op. Maar de eerste symptomen van de Brexit kondigen zich al aan. Uit de cijfers van het Havenbedrijf Rotterdam over het derde kwartaal van dit jaar blijkt dat het containervolume tussen het VK en Nederland minder groei laat zien als gevolg van een minder goed presterende Britse economie. Een van de oorzaken hiervan is dat bedrijven terughoudend zijn met hun investeringen vanwege de onduidelijkheid rond de Brexit.

Ook al is nu nog niet duidelijk volgens welk scenario de Brexit zich straks voltrekt, voor veel onderwerpen zijn de gevolgen wel degelijk al in kaart te brengen. Daarom is een terugkerend punt in ons advies om samen met andere partijen in de logistieke keten de effecten van de Brexit te analyseren en daarop actie te ondernemen. Kennis en ervaringen met concurrenten delen is daarbij ook van belang en juist de verschillende brancheorganisaties en ondernemersverenigingen kunnen dit uitstekend faciliteren. 

Een goed voorbeeld van polderen in de keten is de samenwerking tussen overheid en marktpartijen om het ferryvervoer van en naar het VK zo vlot mogelijk te laten verlopen na de Brexit. Er zal een toename ontstaan van douaneformaliteiten voor het ferryvervoer. Congestie en vertragingen liggen dan op de loer, met alle gevolgen van dien voor de lading, zoals bijvoorbeeld versproducten. evofenedex werkt nauw samen met expediteurs, vervoerders, ferrybedrijven en douane om via de geautomatiseerde processen van Portbase informatie digitaal uit te wisselen. Alle logistieke partijen nemen op deze manier hun verantwoordelijkheid in het slechten van Brexitbarrières.

 

Er is terecht veel aandacht voor de directe handel tussen het VK en Nederland, maar er is nog een ander aspect dat we niet moeten vergeten. Met het vertrek van het VK uit de EU verdwijnt ook een van de toegangspoorten van de EU. Veel goederen die de Europese markt als bestemming hebben, komen nu via de lucht- en zeehavens van het VK de EU in. Die indirecte stromen zijn na de Brexit kwetsbaar. Enerzijds kunnen goederen straks vertragingen oplopen als ze via Britse lucht- en zeehavens worden overgeslagen voor bestemming Nederland. Anderzijds zullen fysieke goederenstromen naar Nederland verlegd worden, waardoor de druk op de afhandeling hier verder toeneemt. 

Intussen kijken andere landen met argusogen naar de wijze waarop Nederland gezamenlijk de problemen aanpakt. Ons verleden als ‘polderaars’ komt in situaties als deze dan toch weer goed van pas. Wellicht zorgt de Brexit er zo wel voor dat polderen niet langer in de ban is en geeft het een impuls om in de toekomst verdere ketensamenwerking te zoeken op het gebied van verduurzaming, digitalisering en handelsbelemmeringen.


Machiel van der Kuijl, algemeen directeur evofenedex


Delen

Journalist

Related articles