Weekly News

Wim Kuijken MAATSCHAPPIJ

De dirigent van het Deltaprogramma

Negen jaar geleden werd besloten om het Deltaprogramma wettelijk te verankeren. Met Wim Kuijken werd Nederlands allereerste Deltacommissaris bij wet aangesteld. Ieder jaar stelt hij voor Prinsjesdag een programma met concrete maatregelen op, dat kan worden aangepast naargelang de omstandigheden veranderen. Zijn visie: hanteer zo min mogelijk een rigide structuur.

Als je reageert doe je dat vaak rigide, maar als je je steeds aanpast bouw je flexibiliteit in

Zo’n negen jaar geleden werd afgesproken om het Deltaprogramma en het Deltafonds wettelijk vast te leggen en een Deltacommissaris aan te stellen, die aan het kabinet rapporteert en adviseert. “Dit naar aanleiding van orkaan Katrina in Amerika en de klimaatscenario’s. Het toenmalige kabinet Balkenende IV besloot toen dat we ons maar beter konden voorbereiden, in plaats van af te wachten tot het mis zou gaan”, aldus Wim Kuijken, de allereerste Deltacommissaris. En zo geschiedde: inmiddels zit Kuijken in zijn tweede termijn, die zeven jaar duurt. Hierdoor wordt het mogelijk continuïteit aan te brengen in het werken aan de langetermijnopgaven van het Deltaprogramma, over de gebruikelijke kabinetsperiodes heen. 


Het Deltaprogramma bestaat uit verschillende plannen: het Deltaplan Zoetwater, het Deltaplan Waterveiligheid en het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie. “Voor zoetwater was er vroeger eigenlijk géén beleid. Er was alleen afgesproken dat er bij waterschaarste functies afgeschaald zouden worden, met als laatste het drinkwater. Dit heeft natuurlijk een ongelofelijk grote impact op onder andere de agrarische sector. Maar als het frequenter droger wordt, is een offensieve strategie beter. Dat hebben we dus gemaakt, met het Deltaplan Zoetwater. Iedere regio heeft hierbinnen zijn eigen plannen: de hoge zandgronden van de Peel zijn namelijk anders dan bijvoorbeeld de Zuidwestelijke Delta, waar de verzilting toeslaat.” 


Ruimtelijke adaptie, het derde Deltaplan, was aanvankelijk nog niet echt een hoofdmoot binnen het Deltaprogramma. “Maar dat is de afgelopen drie jaar, vanwege alle hevige buien en de hitte, prominenter geworden. Daarom is vorig jaar het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie aan het Deltaprogramma toegevoegd.” Juist hierom is voor deze constructie gekozen: er wordt een stip op de horizon gezet, maar het Deltaprogramma kan worden aangepast, naargelang het klimaat en de weersomstandigheden wijzigen. “Cijfers en scenario’s van het KNMI wijzen uit dat heftigere buien en langere hitteperiodes nu al plaatsvinden en dat dit alleen maar verder zal toenemen.” 


Het Deltaprogramma richt zich dus niet op het reageren op een ramp, maar juist op het aanpassen aan veranderingen. “Als je reageert, doe je dat vaak met rigide structuur, zoals het bouwen van keringen. Maar als je je systematisch aan de situatie aanpast, bouw je flexibiliteit in. Neem de kust: je kunt daar dikke dijken bouwen, maar niemand weet hoe snel de zeespiegel zal stijgen. Nu houden we met zand de kustlijn op zijn plek, want dat kun je toevoegen naargelang het peil stijgt. Dat noem ik nou een adaptieve strategie die je veilig houdt.”


Het klimaatakkoord van Parijs kwam pas na de aanstelling van Kuijken tot stand, maar de doelstellingen die in de Franse hoofdstad werden geformuleerd zijn wel ongelofelijk belangrijk. “Wanneer we in staat zijn om de opwarming van de aarde binnen de perken te houden, is de mate van aanpassing minder groot. Als de opwarming van de aarde niet onder die twee graden blijft, hebben we in de volgende eeuw echt een groot probleem.” 


Iedereen - van provincies, gemeenten tot particulieren - snapt het verhaal en het belang van het Deltaprogramma, om klimaatbestendig en waterrobuust te worden. “Alle partijen doen mee vanuit hun eigen verantwoordelijkheid, ook dat vinden ze prettig. Ik ben uiteindelijk niet verantwoordelijk voor de uitvoering, ik help alleen het plan te maken en om gezamenlijk beter te worden.” In acht en een half jaar heeft het Deltaprogramma dát in ieder geval voor elkaar gekregen: er heerst vertrouwen in elkaar én in een goede afloop. 

Feit

Eind juni en begin juli overspanden een uitzonderlijk droge periode. Het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut (KNMI) publiceerde recentelijk haar bevindingen, aan de hand van een verkennende studie. Hieruit komt naar voren dat de toekomstige zomers mogelijk nóg droger worden dan tot nu toe werd verwacht. Dit vanwege een hogedrukgebied dat boven Nederland komt te liggen, dankzij een verandering in het luchtdrukpatroon.

Delen

Journalist

Aäron van der Sanden

Related articles